UA-105762165-1

Rolduc  1831 - 1971

 


                 Rolduc II

                   Cornelis van Bommel


Artikelen uit de jaarboeken die betrekking hebben op Rolduc II,

 

De brief die voorgelezen wordt in het bisdom Luik waarin de stichting van Rolduc II in 17 oktober 1831 wordt aangekondigd. Let op dat van Bommel de vorming van het hart centraal stelt. Er is een schets van het studieplan. Gedateerd 26 augustus 1831. RJB 1941.


Over de leraren van het Luikse Rolduc. Bijzondere aandacht vraag ik voor de leraar Henricus Peters; hij zal de eerste directeur worden van Rolduc III en zodoende zorgen voor continuïteit van Rolduc II naar Rolduc III wat onderwijssysteem betreft. Gerard Ubaghs en Arnold Tits zullen later hoogleraar worden te Leuven; Arnold Tits is een heel bijzonder leraar zowel op Rolduc als te Leuven. Het artikel is geschreven door professor C. de Clercq. RJB 1957.


We worden ruimschoots geïnformeerd over Rolduc II. Op pagina 74 leest u dat Rolduc III een continuering was van Rolduc II; naderhand wordt het instituut opengesteld voor Nederland en aangrenzende landen; het bekende Rolduc III. Let ook op de beschrijving van het onderwijs in filosofie; i.h.b. de conferences van Tits. Het artikel is van de hand van de bekende hoogleraar filosofie Ferdinand Sassen. RJB 1954.


Over van Bommel als voorvechter van het vrije Katholieke onderwijs.  RJB 1931.


Van Bommel stichtte ook een normaalschool op Rolduc; een school voor de vorming van onderwijzers. Ook dit instituut is gebouwd op interessante principes. RJB 1937



 Het seminarie Rolduc II inhoudelijk

Er zijn een aantal bronnen om kennis te nemen hoe het Luiks seminarie Roldus gestructureerd is; we gaan er hier een paar opnemen. Ik denk dat het voldoende is om de hand van de meester ,van Bommel,  te zien.

Franz Joseph Ritter von Buss heeft in 1852 een boek gepubliceerd dat gaat over priesteropleidingen. Corten verwijst ernaar in RWB op pagina 160 rechts beneden; het boek is zeer zeldzaam en moeilijk te vinden.  Hij heeft Rolduc II onderzocht en vindt dat een zeer goede opleiding. Voor ons is dat boek belangrijk omdat Rolduc II daar  inhoudelijk beschreven wordt.  Belangrijk zijn de paragrafen 76 tot en met 78; van bladzijde 255 tot en met 297. Een inhoudsopgave treft u aan op pagina 473.  U treft er aan 1] het reglement voor de leraren (vanaf pagina 255); 2] een regelgeving die uit twee delen bestaat: enerzijds de tijdsindelingen en zaken betreffende het schoolsysteem (vanaf pagina 261)  en anderzijds het leerlingen-reglement (vanaf pagina  265 tot en met 278). Vanaf pagina 282 tot midden 295 kan men lezen welke gedragsregels er nog meer waren. Neem er eens rustig de tijd voor om het voornoemde gedeelte van dat boek te lezen; het levert u veel informatie over Rolduc II;  het oude Duitse schrift went snel.

Het boek Nothwendige Reform des Unterrichts von Fr. Jos. Busz uit 1852 :



De pdf-pagina is 14 meer dan de boek-pagina, zo vindt u bijvoorbeeld de inhoud op pdf-pagina 487. 

 Non Servitur ibi, ubi Diligitur Id, quod Iubitur

In bovenstaand boek kunt u de leraren- en leerlingen-reglementen in het Duits leren kennen; uiteraard waren ze in werkelijkheid in het Frans geschreven. Ik heb ze ooit gefotografeerd in het archief van de abdij van Sint Truiden. Ik denk dat het de oudste reglementen zijn.
 


Op Rolduc II  waren twee broederschappen: die van het Heilig Hart en die van de Heilige Rozenkrans.

Hierna het reglement van 5 februari 1832.

 


Presentatie over C. van Bommel en Rolduc II.

In het verleden heb ik een lezing mogen geven voor de rondleiders op Rolduc.  De power-point presentatie treft u hierbij aan. De onderwijs-principes die van Bommel hanteerde zijn er te vinden. De foto's van de bibliotheek op het einde is die van de abdij van St. Truiden, daarin is de bibliotheek van Rolduc II opgenomen. Ik heb onder meer geput uit het proefschrift van  A.F. Manning; vooral het hoofdstuk I dat gaat over  van Bommel in Munster en in Hageveld; op pagina 169-171 is geschreven over de strubbelingen die er waren bij de overdracht van de Rolducse  gebouwen aan de latere bisschop Paredis.